Inleiding: dus dít is de overgang

Je zit in een overleg en ineens slaat de hitte toe. Trui uit. Vijf minuten later: trui aan. Je wilt iets zeggen, maar het woord is weg, en de naam van de collega tegenover je ook, terwijl je al tien jaar met haar samenwerkt. Om drie uur vannacht lag je wakker, en nu is het pas half elf. Herken je dit, of de korte versie (“ik ben mezelf niet”), dan zit je hier goed. Deze cursus gaat over de overgang op de plek waar je er het minst op zit te wachten: je werk.
Wat de overgang is, in twee alinea’s
De overgang is de periode rond je laatste menstruatie. Die laatste menstruatie heet de menopauze, en in Nederland valt die gemiddeld rond je 51e. Maar je lijf begint jaren eerder met de voorbereidingen. Ergens in je veertiger jaren maken je eierstokken minder en vooral wisselender hormonen aan, met name oestrogeen. Je lijf moet daar steeds opnieuw aan wennen, en dat wennen geeft de klachten. Vergelijk het met een thermostaat die de hele dag heen en weer springt: het hele huis merkt daar iets van. Uiteindelijk, meestal een paar jaar na je laatste menstruatie, vindt je lijf een nieuwe stand.
Hoe lang dat duurt, verschilt enorm. Gemiddeld een jaar of vier tot zeven; sommigen merken bijna niets, anderen hebben ruim tien jaar klachten. Ongeveer vier op de vijf vrouwen merken iets van de overgang, en ongeveer een op de vijf heeft er zoveel last van dat werk en dagelijks leven eronder lijden. Komt de overgang vroeg, voor je 45e, of ineens, na een operatie of chemotherapie, dan komt hij meestal harder binnen: jij zag het niet aankomen, en je omgeving ook niet.
Waar je het aan merkt
De opvlieger is het bekendst, maar de overgang komt zelden alleen. Grofweg vijf groepen klachten:
- Warmte. Opvliegers en zweetaanvallen, overdag en ’s nachts.
- Slaap en energie. Moeilijk inslapen, wakker om drie uur, en een moeheid waar een goede nacht weinig aan verandert.
- Hoofd. Concentratie, geheugen, op woorden komen. Je bent niet dommer geworden; je aandacht en je geheugen doen tijdelijk minder soepel mee.
- Stemming. Prikkelbaar, huilerig, somberder, angstiger, minder zeker van jezelf. “Ik herken mezelf niet”, zeggen veel mensen.
- Lijf. Stijve of pijnlijke gewrichten, hartkloppingen, hoofdpijn, blaasklachten, droge slijmvliezen, minder zin in seks, aankomen rond je middel.
Niemand heeft alles, en de mix verandert per maand. Lastig is dat deze klachten elkaar versterken: nachtzweten kost slaap, slaapgebrek kost concentratie en geduld, en een kort lontje in de vergadering kost weer zelfvertrouwen. Dat is geen zwakte, dat is een cirkel. En een cirkel kun je ergens doorknippen. Daar gaan deel 3 tot en met 5 over.
Wat de overgang níet is
Geen ziekte. Het is een levensfase, net als de puberteit, met minder puistjes en meer verantwoordelijkheden. Dat betekent niet dat je het maar moet uitzitten: de klachten zijn echt, en er is iets aan te doen.
Geen einde. Je bent niet ‘op’ en niet ‘over je top’. Je ervaring, je vak en je overzicht zijn niet mee gaan schommelen met je hormonen.
Geen verklaring voor alles. Grote kans dat je nu denkt: maar is dit wel de overgang? Misschien ben ik alleen maar moe, of overspannen. Die twijfel is terecht. Een trage schildklier, een ijzertekort, slaapapneu (ademstops in je slaap), stress en burn-out en somberheid kunnen op de overgang lijken, en er bovendien naast bestaan. Dat hoef je niet zelf uit te zoeken. Twijfel je, doe dan de zelftest “Ben ik in de overgang?” op Gevoelszaken en bespreek het met je huisarts. En je hoeft niet te kiezen. Overgang en werkstress gaan vaak samen, al was het maar omdat de overgang vaak valt in de jaren met pubers, hulpbehoevende ouders en een baan die juist nu iets van je vraagt.
Waarom een cursus over werk?
Omdat werk de plek is waar je het hardst je best doet om niets te laten merken. Thuis trek je een T-shirt aan en ga je vroeg naar bed. Op werk zit je in een kantoortuin waar de thermostaat niet je vriend is, sta je voor een klas of een klant, draai je een nachtdienst of presenteer je aan de directie. Daar komt de hitte op het verkeerde moment, en verdwijnt het woord precies als iedereen kijkt.
Je bent niet de enige. In Nederland werken ruim een miljoen vrouwen in de leeftijd waarin de overgang speelt. In een groot Brits onderzoek onder vrouwen van 45 tot 55 zei ruim vier op de tien dat overgangsklachten hun werk beïnvloedden, en een op de tien had er een baan om opgezegd. Tegelijk vertellen veel vrouwen het op hun werk aan niemand. Niet zo gek: “ik zit in de overgang” klinkt in veel teams nog als een bekentenis in plaats van een mededeling.
Dat is geen reden voor paniek, wel voor aandacht. De meeste vrouwen komen er goed doorheen, met of zonder hulp. Maar wie op werk in stilte compenseert, betaalt daarvoor: in energie, in plezier en soms in een ziekmelding die te voorkomen was. Deze cursus helpt je die prijs omlaag te brengen.
Hoe deze cursus werkt
Acht delen, in vaste volgorde. Eerst begrijpen wat er gebeurt (deel 1 en 2). Dan vaardigheden voor de drie grootste boosdoeners: opvliegers, slaap en stemming (deel 3 tot en met 5). Daarna het gesprek op je werk en wat echt helpt (deel 6 en 7). Tot slot een plan voor de lange adem (deel 8). Elk deel heeft een oefening van zo’n tien minuten, zonder hulpmiddelen. In deel 1, 5 en 8 zit een zelftest, zodat je ziet wat er verandert.
Een deel per week is een goed tempo; sneller mag, langzamer ook. Geen energie voor een hele les? Doe dan alleen de zelftest en de oefening hieronder. Dat is al iets.
Twee dingen die niet kunnen wachten op een latere les. Bloedverlies nadat je een jaar niet ongesteld bent geweest, of heel hevig bloedverlies: daarmee ga je altijd naar de huisarts. En is je stemming zo laag dat je er soms niet meer wilt zijn, bel dan je huisarts of 113 Zelfmoordpreventie (0800-0113 of 113.nl). Daar hoef je geen cursus voor af te maken.
Een woord over woorden. Deze cursus zegt “je”. Waar het niet anders kan staat “vrouwen”, omdat het onderzoek over vrouwen gaat. Ben je een trans man of non-binair en kom je in de overgang, dan is alles hier ook voor jou.
Wil je tussendoor met iemand praten, dan kan dat met een coach of therapeut van Gevoelszaken, of met Karl, de AI-coach, die ook om drie uur ’s nachts wakker is.
De overgang is geen ziekte, maar de klachten zijn meetbaar, ook op het werk. Nederlands onderzoek van bedrijfsarts Mariëlle Geukes en collega’s liet zien dat werkende vrouwen met ernstige overgangsklachten een duidelijk lager werkvermogen rapporteren dan vrouwen met weinig klachten. In een vervolgstudie ging het werkvermogen weer omhoog toen de klachten werden behandeld. Kortom: het zit niet tussen je oren, al doet je hoofd wel mee, en het is beïnvloedbaar. Daar gaat de rest van deze cursus over.
Zelftest 1: hoeveel last heb je, en hoeveel merk je ervan op je werk?
Misschien denk je: nog een vragenlijst. Begrijpelijk. Deze duurt drie minuten en is niet voor Gevoelszaken, maar voor jou: in deel 8 vul je dezelfde stellingen nog een keer in en zie je wat er is veranderd.
Zo werkt het: tien stellingen over de afgelopen vier weken. Geef bij elke stelling aan hoe sterk dit voor jou geldt: 1 = helemaal niet, 2 = een beetje, 3 = matig, 4 = behoorlijk, 5 = heel erg. Ga af op je eerste indruk. Je antwoorden worden nergens opgeslagen; noteer je score dus even.
| Stelling | 1helemaal niet | 2een beetje | 3matig | 4behoorlijk | 5heel erg |
|---|---|---|---|---|---|
| Je klachten | |||||
| 1Ik heb last van opvliegers of zweetaanvallen, overdag of ’s nachts. | |||||
| 2Ik slaap slecht: moeilijk inslapen, ’s nachts wakker of te vroeg wakker. | |||||
| 3Ik ben moe op een manier die met één goede nacht niet over is. | |||||
| 4Ik ben prikkelbaarder, sneller geraakt of huileriger dan ik van mezelf gewend ben. | |||||
| 5Ik heb moeite met concentreren, dingen onthouden of op woorden komen. | |||||
| 6Ik heb lichamelijke klachten die nieuw voor me zijn, zoals stijve of pijnlijke gewrichten, hartkloppingen of hoofdpijn. | |||||
| Je werk | |||||
| 7Door mijn klachten krijg ik op mijn werk minder gedaan, of kost hetzelfde werk me meer moeite. | |||||
| 8Ik zie op tegen situaties op mijn werk, of ik vermijd ze, vanwege mijn klachten: presenteren, vergaderen, een drukke of warme ruimte. | |||||
| 9Door mijn klachten twijfel ik op mijn werk vaker aan mezelf dan vroeger. | |||||
| 10Ik heb erover gedacht om me ziek te melden, minder te gaan werken of ander werk te zoeken vanwege mijn klachten. | |||||
Dit zegt niet of je “iets hebt”. Zie het als een thermometer: die meet hoe warm het nu is, niet wie je bent.
Jouw top-3
Waarom dit werkt: “Ik ben mezelf niet” is waar, maar je kunt er weinig mee. “Om tien uur in het overleg met Sander krijg ik een opvlieger, en daarna zeg ik de rest van het uur niets meer” is ook waar, en daar kun je wél iets mee. Concreet maken is de eerste stap naar grip; alle vaardigheden in deze cursus beginnen daar.
Wanneer: nu, tien minuten, met pen en papier of de notities in je telefoon. Je gebruikt deze lijst weer in deel 2 en deel 8.
Stappen
- Kies uit de zelftest de drie klachten die je op je werk het meest in de weg zitten. Niet de ergste in het algemeen, maar de ergste op je werk. Twijfel je? Neem de drie die je het eerst te binnen schoten.
- Schrijf per klacht één situatie van de afgelopen twee weken op: waar was je, hoe laat, wie was erbij, wat gebeurde er? Een of twee zinnen is genoeg.
- Schrijf per situatie op wat je deed: doorbikkelen, een grapje maken, naar de wc, niets meer zeggen, het overleg overslaan. Zonder oordeel. Je inventariseert, je beoordeelt niet.
- Zet er tot slot bij wat je het liefst anders zou willen, in één zin per klacht. “Minder opvliegers” mag, maar “rustig blijven als ik er een krijg” is beter, want daar kun je zelf iets aan doen.
Als het niet lukt: kom je niet tot drie, dan is één genoeg. Merk je dat het opschrijven je raakt, dan is dat niet gek: voor veel mensen is dit de eerste keer dat ze hun klachten serieus nemen in plaats van wegwerken. En voelt het als klagen? Het is een inventarisatie. Klagen is het pas als je er niets mee doet, en dat is nu net niet je plan.
Om over na te denken
- Wanneer dacht je voor het eerst: dit zou weleens de overgang kunnen zijn? En wat deed je met dat idee?
- Wie op je werk weet ervan, en wie zou je het het liefst níet vertellen? Wat zegt dat over waar je bang voor bent?
- Als je klachten morgen weg waren: wat zou je op je werk als eerste weer doen?
Dit neem je mee
- De overgang is de periode rond je laatste menstruatie (gemiddeld rond je 51e), maar begint jaren eerder met schommelende hormonen. Dat wennen geeft de klachten.
- De klachten zijn breder dan opvliegers: slaap, energie, hoofd, stemming en lijf. Ze versterken elkaar, en die cirkel is te doorbreken.
- De overgang is geen ziekte en geen einde, maar ook niet de verklaring voor alles. Twijfel je, dan zoekt je huisarts het met je uit.
- Op werk compenseren veel vrouwen in stilte, en dat kost energie. Deze cursus helpt je die prijs omlaag te brengen.
- Je score van vandaag is je nulmeting. In deel 8 vergelijk je.